Rijden zonder verzekering is geen administratieve nalatigheid maar een misdrijf, en de strafrechtelijke sanctie is zelden het grootste probleem. Wie een ongeval veroorzaakt met een onverzekerd voertuig, draait persoonlijk op voor de volledige schade van de tegenpartij. Bij letselschade loopt dat op tot bedragen die een gezin jarenlang meedraagt.
Hieronder leest u welke straf u sinds het nieuwe Strafwetboek riskeert, waarom uw kennis beslissend is en hoe het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds zijn uitgaven terugvordert. Voor bijstand in een concreet dossier: zie onze pagina advocaat rijden zonder verzekering in Brussel.
Rijden zonder verzekering: wat zegt de wet?
De wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen (de WAM-wet) verplicht de eigenaar of houder om de burgerrechtelijke aansprakelijkheid voor zijn motorrijtuig te laten verzekeren. Die plicht geldt op de openbare weg en op terreinen die toegankelijk zijn voor het publiek of voor een bepaald aantal personen die er mogen komen (artikel 2, § 1). Artikel 22, § 1 van de WAM-wet bestraft de eigenaar of houder die een motorrijtuig zonder die dekking in het verkeer brengt of laat brengen, en ook de bestuurder ervan. Deze zaken komen in de regel voor de politierechtbank (artikel 138 Wetboek van strafvordering).
Feiten vanaf 1 september 2026: een straf van niveau 1
De strafbepaling van artikel 22 werd niet omgezet naar de strafniveaus van het nieuwe Strafwetboek. Voor feiten vanaf 1 september 2026 wordt ze gelezen als een straf van niveau 1 (artikel 78 Strafwetboek). Een gevangenisstraf is dan niet meer mogelijk.
Bij niveau 1 kiest de rechter één van deze straffen: een geldboete, een werkstraf van 20 tot 120 uur, een probatiestraf van 6 tot 12 maanden, de verbeurdverklaring of een veroordeling bij schuldigverklaring (artikel 36 Strafwetboek). Voor rijden zonder verzekering bedraagt de geldboete 1.000 tot 10.000 euro: de bedragen van artikel 22 worden met tien vermenigvuldigd, zonder bijkomende opdeciemen (artikel 78, § 1, tweede lid, Strafwetboek).
Feiten van vóór 1 september 2026: de oude straffen
Voor oudere feiten geldt nog de oorspronkelijke strafmaat van artikel 22: een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en een geldboete van 100 tot 1.000 euro, of één van die straffen alleen. Met de opdeciemen komt die geldboete neer op 800 tot 8.000 euro voor feiten vóór 1 februari 2026, en op 1.000 tot 10.000 euro voor feiten van 1 februari tot 31 augustus 2026. De rechter past wel de nieuwe regeling toe als die voor u gunstiger is (artikel 2 Strafwetboek).
Bijkomende straffen
Daarnaast laat artikel 24 van de WAM-wet de rechter toe om:
- Een verval van het recht tot sturen uit te spreken, voor ten minste acht dagen en ten hoogste vijf jaar, of voorgoed;
- De verbeurdverklaring van het voertuig te bevelen.
Wat een verval inhoudt en hoe u nadien opnieuw mag rijden, leest u in ons artikel over het verval van het recht tot sturen.
Het element dat vaak wordt vergeten: uw kennis
De houder en de bestuurder zijn alleen strafbaar als zij weten dat de aansprakelijkheid niet gedekt is (artikel 22, § 1, tweede lid WAM-wet); voor de eigenaar stelt de wettekst die voorwaarde niet. Dat is geen detail, maar de kern van veel verdedigingen. Het openbaar ministerie moet die wetenschap bewijzen. Denk aan:
- de verzekering die werd opgezegd wegens wanbetaling terwijl de aangetekende brief nooit werd ontvangen;
- de wagen van een familielid of werkgever waarvan u redelijkerwijs mocht aannemen dat hij verzekerd was;
- een domiciliëring die zonder uw medeweten werd stopgezet;
- een polis die de makelaar niet tijdig in orde bracht.
Wij vragen in die gevallen het volledige verzekeringsdossier op: de opzeggingsbrief, het bewijs van verzending, de premiebetalingen en de communicatie met de makelaar. Blijkt daaruit dat u als houder of bestuurder niet wist dat het voertuig onverzekerd was, dan ontbreekt een bestanddeel van het misdrijf.
Het verhaal van het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds
Rijdt u onverzekerd rond en veroorzaakt u een ongeval, dan blijft het slachtoffer niet in de kou staan: het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds vergoedt de benadeelden. Daarna oefent het fonds zijn verhaal uit voor het volledige uitbetaalde bedrag. Voor ongevallen sinds 22 juni 2017 richt dat verhaal zich in de regel enkel tegen de eigenaar van het niet-verzekerde voertuig, ook als iemand anders reed (artikel 19bis-14, § 5 WAM-wet).
Er geldt geen plafond: het gaat om een persoonlijke schuld, die ook na jaren nog wordt ingevorderd. Met een uitvoerbare titel kan het fonds beslag laten leggen, ook op uw loon binnen de wettelijke grenzen. Een vrijspraak op strafgebied doet dat verhaal niet vanzelf vervallen: het verhaal tegen de eigenaar hangt niet af van zijn eigen aansprakelijkheid voor het ongeval, en de eigenaar heeft geen recht om het bedrag terug te vorderen (artikel 19bis-14, § 5 WAM-wet).
Daarom behandelen wij een dossier “rijden zonder verzekering” nooit als een loutere strafzaak. Het luik van het verhaal, en desgevallend een afbetalingsregeling met het fonds, bepaalt uw financiële toekomst veel sterker dan de boete.
Wat is haalbaar voor de politierechtbank?
- De regularisatie tonen. Wie op de zitting het bewijs voorlegt dat het voertuig intussen verzekerd of geschrapt is, verandert de toon van het debat onmiddellijk.
- Opschorting van de uitspraak vragen, zeker bij een blanco strafblad (artikel 64 Strafwetboek). Er wordt dan geen straf uitgesproken en de beslissing komt in beginsel niet op het uittreksel uit het strafregister, wat telt voor wie een beroep uitoefent waarvoor een uittreksel wordt gevraagd. Opschorting vereist uw instemming.
- Uitstel vragen (artikel 65 Strafwetboek). Er is dan wel een veroordeling, maar de straf wordt niet of niet volledig uitgevoerd; uitstel kan ook slaan op een bijkomende straf zoals het verval, al moeten bij een verval op grond van de Wegverkeerswet minstens acht dagen effectief worden uitgevoerd (artikel 41 Wegverkeerswet).
- Een werkstraf of een veroordeling bij schuldigverklaring voorstellen (artikelen 45 en 51 Strafwetboek). Voor een werkstraf is uw instemming nodig, die u in persoon of via uw advocaat kunt geven.
- Een geldboete op maat vragen. De rechter houdt rekening met uw draagkracht en kan bij een precaire financiële toestand onder het wettelijke minimum gaan (artikel 52, § 2 Strafwetboek).
- De verbeurdverklaring afwenden door aan te tonen dat het voertuig noodzakelijk is voor uw werk of uw gezin, of dat het toebehoort aan een derde te goeder trouw.
- Het verval beperken in duur en, waar de wet dat toelaat, tot bepaalde voertuigcategorieën of bepaalde dagen, zoals het weekend (artikelen 45 en 38, § 2bis, Wegverkeerswet, die via artikel 24 WAM-wet ook voor dit verval gelden).
Meer over deze mildere uitkomsten leest u in onze artikels over opschorting, uitstel en werkstraf en over een rijverbod vermijden of beperken.
Preventief: drie zaken om na te kijken
Controleer na elke domiciliewijziging of verandering van voertuig of uw polis effectief loopt. Bewaar de brieven van uw verzekeraar, zeker een ingebrekestelling wegens een onbetaalde premie of een opzeggingsbrief. Laat de nummerplaat van een voertuig dat u niet meer gebruikt schrappen, in plaats van de verzekering gewoon te laten vervallen.
Ook een voertuig dat geparkeerd staat op de openbare weg of op een parking die voor het publiek toegankelijk is, moet verzekerd zijn.
Veelgestelde vragen over rijden zonder verzekering
Riskeer ik nog een gevangenisstraf voor rijden zonder verzekering?
Voor feiten vanaf 1 september 2026 niet: het misdrijf wordt gelezen als een straf van niveau 1, en dat niveau kent geen gevangenisstraf. Voor oudere feiten voorzag de wet nog acht dagen tot zes maanden, maar de rechter past de nieuwe regeling toe als die gunstiger is.
Moet ik terugbetalen wat het Waarborgfonds aan het slachtoffer heeft betaald?
Als eigenaar van het niet-verzekerde voertuig in beginsel wel, ook als iemand anders reed: voor ongevallen sinds 22 juni 2017 richt het fonds zijn verhaal in de regel tegen de eigenaar (artikel 19bis-14, § 5 WAM-wet). Het fonds vordert het volledige bedrag terug, zonder plafond. Wij kijken na of de aansprakelijkheid en de omvang van de schade juist zijn vastgesteld, en onderhandelen zo nodig over een afbetalingsregeling.
Komt een veroordeling op mijn strafregister?
Een veroordeling, ook met uitstel, wordt in het strafregister opgenomen. Bij opschorting van de uitspraak verschijnt de beslissing in beginsel niet op het uittreksel. Onder voorwaarden kunnen oudere veroordelingen worden uitgewist; zie ons artikel over uitwissing en eerherstel.
Novex Advocaten staat u bij
Kreeg u een dagvaarding, of een brief van het Belgisch Gemeenschappelijk Waarborgfonds? Bezorg ons beide: het strafdossier en het verhaal hangen samen en worden het best in één strategie behandeld. Mr. Mohamed Asfour pleit voor de politierechtbanken van Brussel, Halle, Vilvoorde, Leuven en Aalst.
Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be.
Meer over onze aanpak: advocaat rijden zonder verzekering.
Bronnen
- Wet van 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer (Wegverkeerswet), geconsolideerde tekst op Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek I van het Strafwetboek, Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Hoven en Rechtbanken: de politierechtbanken (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Wet van 21 november 1989 betreffende de verplichte aansprakelijkheidsverzekering inzake motorrijtuigen, Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 4 oktober 2026. Meer over het kantoor