Rijden zonder rijbewijs of tijdens een rijverbod: straffen en verdediging

Rijden zonder rijbewijs of tijdens een rijverbod? Leer welke straffen u riskeert en hoe Novex Advocaten u helpt.

“Rijden zonder rijbewijs” dekt in de praktijk vier verschillende situaties, met sterk uiteenlopende straffen: nooit een rijbewijs behaald, rijden buiten de categorie of de voorwaarden van uw rijbewijs, rijden terwijl het parket uw rijbewijs onmiddellijk heeft ingetrokken, en rijden ondanks een door de rechter uitgesproken rijverbod. Dat laatste is verreweg het zwaarste.

1. Rijden zonder geldig rijbewijs

Wie een motorvoertuig bestuurt zonder houder te zijn van het vereiste rijbewijs, riskeert een straf van niveau 2 van het nieuwe Strafwetboek — onder meer een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar of een werkstraf van meer dan 120 tot 300 uur — en daarbij een geldboete van 2.000 tot 20.000 euro (artikel 30, § 1, 1° Wegverkeerswet). Bij verzachtende omstandigheden kan de rechter een straf van niveau 1 opleggen, met dezelfde geldboete. Dezelfde straf geldt voor wie de voorwaarden of beperkingen op zijn rijbewijs niet naleeft — de codes, bijvoorbeeld de verplichting om een bril te dragen of enkel een aangepast voertuig te besturen (artikel 30, § 1, 2°).

De bedragen in dit artikel zijn de werkelijke bedragen, nog te verhogen met de gerechtskosten: de Wegverkeerswet vermeldt sinds 1 september 2026 nieuwe basisbedragen (hier 1.600 tot 16.000 euro), die met de opdeciemen worden vermenigvuldigd met 1,25. Dat komt neer op wat al gold voor feiten tussen 1 februari en 31 augustus 2026; voor feiten van vóór 1 februari 2026 gold factor 8. Voor feiten van vóór 1 september 2026 geldt de regeling van dat moment, tenzij de nieuwe regeling gunstiger is (artikel 2 Strafwetboek).

Het verval van het recht tot sturen is hier mogelijk, maar niet verplicht (artikel 38, § 1, 5°). Bij herhaling binnen drie jaar wordt de geldboete verdubbeld (artikel 30, § 4).

2. Rijden tijdens de onmiddellijke intrekking

Heeft het parket uw rijbewijs onmiddellijk laten intrekken — bijvoorbeeld na een zware alcoholintoxicatie, een vluchtmisdrijf of een zware snelheidsovertreding — en rijdt u toch, dan gaat het om een apart en zwaarder misdrijf: een straf van niveau 2 — onder meer een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar —, een geldboete van 2.000 tot 20.000 euro en een verplicht verval van drie maanden tot vijf jaar of levenslang (artikel 30, § 3). Dat geldt ook wanneer de politierechtbank die intrekking heeft verlengd (artikel 55bis).

3. Rijden ondanks een uitgesproken rijverbod

Wie rijdt terwijl de rechter een verval van het recht tot sturen heeft uitgesproken, riskeert een straf van niveau 2 — onder meer een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar —, een geldboete van 5.000 tot 20.000 euro en opnieuw een verplicht verval van drie maanden tot vijf jaar of voorgoed (artikel 48, § 1). Bij herhaling binnen drie jaar kan een straf van niveau 3 volgen, met een geldboete van 10.000 tot 40.000 euro (artikel 48, § 2). In de praktijk is dit het dossier waarin een effectieve gevangenisstraf het dichtst nadert, zeker bij herhaling: de rechter ziet het niet als een verkeersfout, maar als een miskenning van zijn vonnis.

Ook wie zijn wagen wetens toevertrouwt aan iemand die vervallen is verklaard van het recht tot sturen, is strafbaar: een straf van niveau 1, met een geldboete van 1.000 tot 10.000 euro (artikel 49).

4. Welke rechtbank?

Deze misdrijven staan in de Wegverkeerswet en worden behandeld door de politierechtbank, niet door de correctionele rechtbank — ook al voorziet de wet gevangenisstraffen. Alleen wanneer de zaak samenhangt met misdrijven buiten de bevoegdheid van de politierechtbank verschuift het dossier (artikel 138 Wetboek van strafvordering).

Wat de verzekering betreft

Rijden zonder geldig rijbewijs raakt ook uw burgerrechtelijke positie. Veroorzaakt u een ongeval, dan vergoedt de verzekeraar de benadeelde, maar kan hij zijn verhaalsrecht uitoefenen tegen de bestuurder die niet aan de wettelijke voorwaarden voldeed om te rijden. Bij letselschade gaat het al snel om bedragen die de strafrechtelijke sanctie ver overtreffen. Wie in die situatie zit, laat het strafdossier en het verzekeringsluik het best samen beoordelen.

Waar zit de verdedigingsruimte?

  • De feitelijke kwalificatie. Was het rijbewijs werkelijk ongeldig, of was het gewoon niet bij u? Was het verlopen en intussen vernieuwd? Ging het om een buitenlands rijbewijs dat in België geldig blijft of dat had moeten worden omgewisseld? Dat onderscheid bepaalt of er überhaupt een misdrijf is.
  • De kennis van het verval. Voor artikel 48 moet vaststaan dat u wist dat het verval liep. Werd het vonnis correct betekend? Was het verval al ingegaan, gelet op de termijn waarbinnen het rijbewijs moest worden ingeleverd?
  • Noodtoestand. Een dringende medische situatie kan, mits goed onderbouwd, een rechtvaardigingsgrond zijn. De rechtspraak is streng, maar niet onbestaande.
  • De strafmaat. Opschorting van de uitspraak of uitstel, een rijverbod dat enkel in het weekend loopt (artikel 38, § 2bis) en een beperking tot bepaalde voertuigcategorieën (artikel 45) blijven ook hier mogelijk, zeker bij een blanco strafblad en een aantoonbare beroepsnoodzaak.

Novex Advocaten staat u bij

Bent u gedagvaard voor rijden zonder rijbewijs of tijdens een rijverbod, wacht dan niet tot de zitting. Wie in deze dossiers goed voorbereid verschijnt — met bewijs van een intussen behaald rijbewijs, van een gevolgde opleiding of van zijn beroepssituatie — verlaat de rechtbank met een merkbaar andere straf.

Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be.

Bronnen

Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 23 september 2026. Meer over het kantoor