De rechtsplegingsvergoeding: wie betaalt de advocaat van de winnaar?

EXPERTISE DETAIL

De rechtsplegingsvergoeding: wie betaalt de advocaat van de winnaar?

What Is the Procedural Compensation (Rechtsplegingsvergoeding)? | Novex Advocaten

Wie een proces verliest, betaalt niet alleen zijn eigen advocaat. Hij moet in de regel ook bijdragen in de advocatenkosten van de winnende partij, via de rechtsplegingsvergoeding. Dat bedrag kan uw beslissing om te procederen of te schikken sterk beïnvloeden. Dit artikel legt uit wat de rechtsplegingsvergoeding in België is, hoe ze wordt berekend, wanneer de rechter kan afwijken en wat ze betekent in hoger beroep, in kort geding en in strafzaken.

Wat is de rechtsplegingsvergoeding?

De rechtsplegingsvergoeding is een forfaitaire tegemoetkoming in de kosten en erelonen van de advocaat van de partij die in het gelijk wordt gesteld (artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek). Het systeem werd ingevoerd door de wet van 21 april 2007 betreffende de verhaalbaarheid van de erelonen en de kosten verbonden aan de bijstand van een advocaat. De rechter legt de vergoeding op aan de verliezende partij, samen met de andere gerechtskosten (artikel 1017 Gerechtelijk Wetboek).

Het gaat uitdrukkelijk niet om een volledige terugbetaling. Het verschil tussen de forfaitaire vergoeding en het werkelijke ereloon van uw advocaat blijft in de regel voor uw rekening. De vergoeding komt bovendien toe aan de partij zelf, niet aan haar advocaat.

Hoe wordt de rechtsplegingsvergoeding berekend?

Vorderingen die in geld waardeerbaar zijn

De bedragen staan in het koninklijk besluit van 26 oktober 2007 en zijn gekoppeld aan de index van de consumptieprijzen, zodat ze periodiek worden aangepast. Ze hangen af van de waarde van de vordering, die in schijven is ingedeeld. Voor elke schijf geldt een basisbedrag, met een minimum en een maximum. Hoe groter de financiële inzet van het geschil, hoe hoger de vergoeding.

Vorderingen die niet in geld waardeerbaar zijn

Voor vorderingen die niet in geld waardeerbaar zijn, zoals een vordering die enkel strekt tot ontruiming van een pand of tot stopzetting van hinder zonder schadevergoeding, geldt een afzonderlijk basisbedrag. Ook daarvoor bestaan een minimum en een maximum.

Per partij en per procesverhouding

De vergoeding wordt vastgesteld per procesverhouding en voor elke partij die door een advocaat wordt bijgestaan. Staat eenzelfde advocaat in dezelfde procesverhouding meerdere partijen bij, dan wordt de vergoeding onder hen verdeeld (Hof van Cassatie, 6 februari 2024). De rechter kent in beginsel het basisbedrag toe, tenzij een partij vraagt om ervan af te wijken.

Wanneer kan de rechter afwijken van het basisbedrag?

Op verzoek van een partij kan de rechter het bedrag verlagen of verhogen, zonder het minimum of het maximum te overschrijden. Hij moet die beslissing bijzonder motiveren en houdt daarbij rekening met:

  • de financiële draagkracht van de verliezende partij, maar alleen om het bedrag te verlagen;
  • de complexiteit van de zaak;
  • de contractueel bedongen vergoedingen voor de winnende partij;
  • het kennelijk onredelijke karakter van de situatie.

De rechter kan niet op eigen initiatief afwijken: een partij moet het vragen, in de praktijk in haar conclusie. Geniet de verliezende partij juridische tweedelijnsbijstand, dan wordt de rechtsplegingsvergoeding vastgesteld op het minimumbedrag. Enkel in een kennelijk onredelijke situatie kan de rechter daarvan afwijken, met een bijzonder gemotiveerde beslissing.

Meerdere winnende partijen

Hebben meerdere winnende partijen recht op een rechtsplegingsvergoeding ten laste van een of meer verliezende partijen, dan bedraagt het totaal hoogstens het dubbele van de maximale vergoeding waarop de begunstigde met de hoogste aanspraak recht heeft (artikel 1022 Gerechtelijk Wetboek; Hof van Cassatie, 26 april 2012). De rechter verdeelt dat bedrag onder hen. Omgekeerd kan geen enkele partij worden verplicht om voor de tussenkomst van de advocaat van een andere partij meer te betalen dan de rechtsplegingsvergoeding.

Gedeeltelijk gelijk en andere uitzonderingen

Krijgt elke partij op een aantal punten gelijk, dan kan de rechter de gerechtskosten, waaronder de rechtsplegingsvergoeding, omslaan: elke partij draagt dan haar eigen kosten, of de rechter verdeelt ze in de verhouding die hij bepaalt. Diezelfde mogelijkheid bestaat in geschillen tussen echtgenoten, wettelijk of feitelijk samenwonenden, bloedverwanten in de opgaande lijn, broers en zussen of aanverwanten in dezelfde graad. In familiezaken worden de kosten daarom geregeld omgeslagen.

Kosten die een partij nodeloos en foutief heeft veroorzaakt, met inbegrip van de rechtsplegingsvergoeding, worden zelfs ambtshalve te haren laste gelegd, ook als zij het proces wint. In socialezekerheidsgeschillen voor de arbeidsrechtbank draagt de overheid of de socialezekerheidsinstelling in beginsel de kosten van de vorderingen van of tegen sociaal verzekerden, behalve bij een tergend of roekeloos geding.

In hoger beroep en in kort geding

Voor elke aanleg is een afzonderlijke rechtsplegingsvergoeding verschuldigd. Wie in eerste aanleg wint maar in hoger beroep verliest, kan dus uiteindelijk voor beide aanleggen moeten betalen. Ook in een kort geding kan de rechter een rechtsplegingsvergoeding toekennen. Lees daarover ons artikel over het kort geding.

De rechtsplegingsvergoeding in strafzaken

Stelt een benadeelde zich burgerlijke partij en wordt de beklaagde veroordeeld, dan veroordeelt de strafrechter de beklaagde en de burgerrechtelijk aansprakelijke partijen ook tot betaling van een rechtsplegingsvergoeding aan de burgerlijke partij (artikel 162bis Wetboek van Strafvordering). Heeft de burgerlijke partij de beklaagde zelf rechtstreeks gedagvaard en wordt die vrijgesproken, dan kan omgekeerd de burgerlijke partij worden veroordeeld tot een vergoeding aan de beklaagde. Wordt u daarentegen vervolgd door het openbaar ministerie en vrijgesproken, dan krijgt u van de Staat geen rechtsplegingsvergoeding.

Die regels gelden ook voor de politierechtbank, waar het slachtoffer van een verkeersongeval zich vaak burgerlijke partij stelt. Lees meer over de werking van de politierechtbank.

De andere gerechtskosten

Naast de rechtsplegingsvergoeding omvatten de gerechtskosten onder meer het rolrecht voor de inschrijving van de zaak, de kosten van de gerechtsdeurwaarder voor de dagvaarding en de betekening, de kosten van een gerechtsdeskundige en de bijdrage aan het Fonds voor de juridische tweedelijnsbijstand. De partij die om een deskundigenonderzoek vraagt, moet meestal een voorschot op de kosten van de deskundige betalen. Op het einde van de procedure legt de rechter al die kosten in beginsel ten laste van de verliezende partij.

Wanneer wordt de rechtsplegingsvergoeding betaald?

De veroordeling tot de rechtsplegingsvergoeding maakt deel uit van het vonnis. Na betekening van een uitvoerbaar vonnis kan de winnende partij ze samen met de hoofdsom en de andere kosten invorderen, zo nodig via een gerechtsdeurwaarder en door middel van beslag. Een eindvonnis op tegenspraak is in de regel uitvoerbaar bij voorraad, ook als hoger beroep wordt ingesteld, tenzij de rechter anders beslist (artikel 1397 Gerechtelijk Wetboek). Die uitvoering gebeurt wel op risico van de partij die ze vordert: wordt het vonnis in hoger beroep hervormd, dan kan de verdeling van de kosten nog wijzigen.

Waarom de rechtsplegingsvergoeding uw beslissing beïnvloedt

De rechtsplegingsvergoeding hoort bij elke risicoanalyse. Verliest u, dan komt ze bovenop uw eigen advocatenkosten, de hoofdsom, de interesten en de andere gerechtskosten. Wint u, dan dekt ze meestal slechts een deel van uw kosten, zeker in complexe zaken. Een minnelijke regeling kan daarom soms voordeliger zijn dan een gewonnen proces.

Wie betaalt uw eigen advocaat?

Uw eigen advocaat factureert zijn ereloon volgens de afspraken die u met hem maakt, bijvoorbeeld een uurtarief, een forfait of een combinatie. Een rechtsbijstandsverzekering kan zowel uw eigen advocatenkosten als de rechtsplegingsvergoeding die u aan de tegenpartij moet betalen dekken, binnen de grenzen van de polis. Lees daarover ons artikel over de rechtsbijstandsverzekering. Hebt u beperkte inkomsten, dan kunt u bij het Bureau voor Juridische Bijstand nagaan of u recht hebt op juridische tweedelijnsbijstand.

Veelgestelde vragen

Kan ik de rechtsplegingsvergoeding vermijden door de zaak in der minne te regelen?

Ja. Bij een dading spreken de partijen zelf af wie welke kosten draagt. Vaak draagt elke partij haar eigen kosten, maar ook een andere verdeling is mogelijk.

Kan ik de rechtsplegingsvergoeding vooraf precies kennen?

Het basisbedrag, het minimum en het maximum voor de waarde van uw vordering liggen vast en kunnen vooraf worden opgezocht. Het uiteindelijke bedrag hangt af van de uitkomst van de zaak en van een eventuele afwijking die de rechter toestaat. Wij berekenen het voor uw dossier.

Moet ik ook betalen als de tegenpartij geen advocaat had?

De rechtsplegingsvergoeding is een tegemoetkoming in de kosten van de advocaat van de winnende partij. Liet die partij zich niet door een advocaat bijstaan, dan is ze in de regel niet verschuldigd (Hof van Cassatie, 19 oktober 2023).

Krijg ik een rechtsplegingsvergoeding als de politierechtbank mij vrijspreekt?

Niet van de Staat. Werd u vervolgd door het openbaar ministerie, dan draagt u uw eigen advocatenkosten, ook bij een vrijspraak. Wanneer een burgerlijke partij u rechtstreeks heeft gedagvaard en u wordt vrijgesproken, kan die burgerlijke partij wel worden veroordeeld om u een rechtsplegingsvergoeding te betalen.

Novex Advocaten staat u bij

Wij maken vóór elke procedure een realistische inschatting van de kosten en de risico’s, bespreken met u of een minnelijke regeling zinvoller is, en maken duidelijke afspraken over ons ereloon. Lees ook ons artikel over de kosten van een advocaat in verkeerszaken.

Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be.

Bronnen

Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 4 oktober 2026. Meer over het kantoor