Vervolgd voor slagen en verwondingen: straffen en verdediging

Vervolgd voor slagen en verwondingen? Sinds 1 september 2026 bepaalt de graad van het letsel het strafniveau. Lees wat u riskeert en hoe u zich verdedigt.

Een discussie die uit de hand loopt, een duw op café, een conflict binnen het gezin of een incident op het werk: dossiers van slagen en verwondingen behoren tot de meest voorkomende strafzaken. Sinds 1 september 2026 spreekt het nieuwe Strafwetboek niet meer van “opzettelijke slagen en verwondingen”, maar van gewelddaden. De straf hangt vooral af van de gevolgen voor het slachtoffer en van de omstandigheden. Dit artikel legt uit wat u riskeert als u vervolgd wordt voor slagen en verwondingen, welke verdediging mogelijk is en welke rechten het slachtoffer heeft.

Van slagen en verwondingen naar gewelddaden

Het nieuwe Strafwetboek verstaat onder gewelddaden elk opzettelijk gedrag dat bestaat uit het aanwenden van fysieke kracht tegen een ander die een lichamelijk letsel, pijn of schade aan de gezondheid kan veroorzaken, of uit het op eender welke wijze toebrengen van een letsel of schade aan de gezondheid (artikel 193 Strafwetboek). Een slag, een duw, een schop of het gooien van een voorwerp kan dus volstaan, ook zonder zichtbaar letsel. Opzet is wel vereist. Wie een ander onopzettelijk verwondt, valt niet onder deze regeling, maar kan op een andere grond aansprakelijk zijn of worden vervolgd.

Straffen voor slagen en verwondingen: het letsel bepaalt het strafniveau

Het Strafwetboek onderscheidt drie graden van integriteitsaantasting (artikel 79 Strafwetboek, punten 15° tot 17°):

  • Eerste graad: elk letsel of elke schade aan de gezondheid die niet onder de tweede of de derde graad valt;
  • Tweede graad: een ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijk werk van maximaal vier maanden;
  • Derde graad: een ongeschiktheid van meer dan vier maanden, een ongeneeslijk lijkende ziekte, het volledige verlies van een orgaan of een lichaamsfunctie, een zware verminking of een zwangerschapsverlies.

Aan die graden zijn de basisstraffen gekoppeld (artikelen 194 tot 197):

  • zonder integriteitsaantasting of met een aantasting van de eerste graad: een straf van niveau 1, dus geen gevangenisstraf, maar bijvoorbeeld een geldboete, een werkstraf of een probatiestraf;
  • tweede graad: een straf van niveau 2, met onder meer een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar;
  • derde graad: een straf van niveau 3, een gevangenisstraf van meer dan drie tot vijf jaar;
  • met de dood tot gevolg, zonder het oogmerk om te doden: een straf van niveau 4.

De medische vaststellingen zijn daarom cruciaal. Of er een arbeidsongeschiktheid is, en of die langer duurt dan vier maanden, bepaalt mee het strafniveau. Een medisch attest is niet altijd het laatste woord.

Verzwarende omstandigheden: wanneer is de straf zwaarder?

In een aantal gevallen voorziet het Strafwetboek een hoger strafniveau (artikelen 198 tot 202):

  • Voorbedachtheid: de dader had zijn daad vooraf beraamd;
  • Discriminerende drijfveer: het geweld is ingegeven door bijvoorbeeld de afkomst, de huidskleur, de godsdienst, de seksuele geaardheid of een handicap van het slachtoffer;
  • Kwetsbaar slachtoffer: het slachtoffer is minderjarig of bevindt zich in een kwetsbare toestand;
  • Intrafamiliaal geweld: geweld onder meer tegen een partner, een ex-partner als de feiten enig verband houden met het ontbonden huwelijk of de beëindigde relatie (artikel 79, 3°), een kind of een ouder;
  • Maatschappelijke functie: het slachtoffer oefent een maatschappelijke functie uit en de feiten houden verband met die functie, bijvoorbeeld een politieagent, een zorgverlener, een leerkracht of een buschauffeur.

Daarnaast houdt de rechter bij de strafmaat onder meer rekening met het feit dat de daders met twee of meer waren of dat een wapen werd gebruikt (artikel 204).

Bedreiging: ook zonder slagen strafbaar

Ook wie niet slaat maar dreigt, kan worden vervolgd. Bedreiging is het opzettelijk veroorzaken van een ernstige vrees voor een aanslag op personen of eigendommen. De straf hangt af van de ernst van de aanslag waarmee wordt gedreigd. Ze is zwaarder wanneer de bedreiging gepaard gaat met een bevel of een voorwaarde (artikelen 231 en 232).

Verdediging bij slagen en verwondingen

  1. De feiten zelf. Wie begon, wat tonen de camerabeelden en zijn de getuigen neutraal? Waar dat verantwoord is, worden de feiten formeel betwist. Het openbaar ministerie moet de feiten bewijzen: blijft er redelijke twijfel, dan volgt de vrijspraak.
  2. Wettige verdediging. Er is geen misdrijf wanneer u een onrechtmatige, ernstige en ogenblikkelijke aanval op uzelf of op een ander niet anders kon afwenden en u zich op een evenredige manier verweerde (artikel 14 Strafwetboek). Die beoordeling vraagt een nauwkeurige reconstructie van de feiten.
  3. Uitlokking. Werden de feiten gepleegd onder de onmiddellijke invloed van opzettelijk, onrechtmatig, ernstig en ogenblikkelijk fysiek of psychisch geweld tegen uzelf of een ander, dan geldt een lager strafniveau (artikel 203).
  4. De graad van de integriteitsaantasting. Een tegenexpertise of een kritische lezing van de medische stukken kan het strafniveau veranderen.
  5. De strafmaat. Een blanco strafblad, oprechte excuses, de vergoeding van het slachtoffer en een agressiebegeleiding of therapie maken een mildere uitkomst realistisch: opschorting van de uitspraak, uitstel, een werkstraf, een probatiestraf of een veroordeling bij schuldigverklaring.

Niet elk dossier eindigt voor de rechter. In bepaalde dossiers kan het openbaar ministerie een minnelijke schikking of een bemiddeling in strafzaken voorstellen. Of u daarop beter ingaat, hangt af van de bewijzen en van uw situatie.

Feiten van vóór 1 september 2026

Voor feiten van vóór die datum geldt de regeling van het oude Strafwetboek (artikelen 398 en volgende), tenzij de nieuwe regeling gunstiger is (artikel 2 Strafwetboek). Onder het oude recht kon wie opzettelijk slagen toebracht, ook zonder ziekte of arbeidsongeschiktheid, al een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden krijgen, een geldboete of beide. Welke regeling gunstiger is, is niet altijd evident: een straf van niveau 1 sluit een gevangenisstraf uit, maar de geldboete kan hoger liggen dan vroeger. Die vergelijking moet per dossier worden gemaakt.

Slachtoffer van slagen en verwondingen

Als slachtoffer legt u best zo snel mogelijk klacht neer, met een medisch attest en foto’s van de letsels. U kunt zich burgerlijke partij stellen om vergoeding te vorderen van uw medische kosten, uw inkomensverlies en uw morele schade. Met een verklaring van benadeelde persoon blijft u op de hoogte van de belangrijke stappen in het dossier. Is de dader onbekend of onvermogend, dan kunt u in bepaalde gevallen financiële hulp vragen aan de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden.

Veelgestelde vragen

Het slachtoffer heeft zijn klacht ingetrokken. Stopt de vervolging dan?

Nee. Het openbaar ministerie beslist zelfstandig over de vervolging, zeker bij intrafamiliaal geweld. Een regeling met het slachtoffer weegt wel mee in de beslissing en in de strafmaat.

Riskeer ik een gevangenisstraf bij een eerste feit?

Zonder letsel of met een letsel van de eerste graad bestaat de straf niet uit een gevangenisstraf. Bij ernstigere letsels, intrafamiliaal geweld of andere verzwarende omstandigheden ligt dat anders. Ook dan zijn alternatieven zoals opschorting, uitstel of een werkstraf mogelijk.

Ik werd zelf eerst geslagen en sloeg terug. Ben ik strafbaar?

Dat hangt af van de omstandigheden. Een evenredige reactie op een ogenblikkelijke aanval kan wettige verdediging zijn. Een reactie die verder gaat, kan onder de uitlokking vallen, met een aanzienlijk lagere straf.

Ik word opgeroepen voor een verhoor over slagen. Wat doe ik?

U hoeft uzelf niet te beschuldigen en u kunt kiezen om een verklaring af te leggen, op vragen te antwoorden of te zwijgen. Bereid het verhoor bij voorkeur voor met een advocaat. Lees ook onze uitleg over uw rechten bij een politieverhoor.

Advocaat voor slagen en verwondingen in Brussel

Novex Advocaten staat zowel verdachten en beklaagden als slachtoffers bij in dossiers van geweld en bedreiging, van het eerste verhoor tot de uitspraak. De procedure voeren wij in het Nederlands of in het Frans; het overleg kan ook in het Engels of in het Arabisch. Lees ook ons overzicht over uw rechten als verdachte in een strafzaak.

Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be.

Bronnen

Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 4 oktober 2026. Meer over het kantoor