Weinig strafdossiers kennen zo’n breed spectrum als drugszaken. Bij drugsbezit en drugshandel gaat het van een registratie voor een kleine hoeveelheid cannabis tot jarenlange gevangenisstraffen voor handel in georganiseerd verband. Waar uw dossier op die ladder terechtkomt, hangt af van de feiten, van het bewijs en van de verdediging. Sinds 1 september 2026 zijn de straffen van de drugswet omgezet naar de strafniveaus van het nieuwe Strafwetboek; dit artikel geeft een overzicht.
De wettelijke basis
Drugsfeiten worden bestraft op grond van de zogenaamde drugswet van 24 februari 1921 en de uitvoeringsbesluiten ervan, die bepalen welke stoffen onder de regeling vallen. Strafbaar zijn onder meer het bezit, de aankoop, de verkoop, de levering, de invoer, de productie en de teelt van planten waaruit die stoffen kunnen worden gehaald. Ook cannabis valt daaronder: het mildere vervolgingsbeleid voor kleine hoeveelheden verandert niets aan de strafbaarheid.
Straffen voor drugsbezit en drugshandel sinds 1 september 2026
De straffen staan in artikel 2bis van de drugswet, zoals gewijzigd bij de wet van 16 maart 2026. Voor feiten vanaf 1 september 2026 is de basisstraf voor de opzettelijke overtredingen een straf van niveau 3: in beginsel een gevangenisstraf van meer dan drie tot vijf jaar (artikel 36 Strafwetboek). Bij verzachtende omstandigheden kan de rechter een straf van een lager niveau opleggen, zoals een werkstraf, een probatiestraf, een straf onder elektronisch toezicht of een geldboete.
Verzwarende omstandigheden
De drugswet voorziet in zwaardere straffen, tot niveau 6, in onder meer de volgende gevallen:
- Minderjarigen: feiten gepleegd ten aanzien van een minderjarige, met een zwaardere straf naarmate het kind jonger is;
- Gevolgen voor de gebruiker: feiten waarbij het gebruik van de verstrekte stoffen bij iemand een zware integriteitsaantasting of zelfs de dood heeft veroorzaakt;
- Georganiseerd verband: feiten gepleegd als daad van deelneming aan een vereniging of een criminele organisatie, met de zwaarste straffen voor wie er een leidende rol in heeft.
Afhankelijk van de omstandigheid leidt een verzwaring tot een hoger strafniveau (artikel 2bis, §§ 3 tot 5), of houdt de rechter er binnen het niveau rekening mee bij de strafmaat (artikel 2bis, § 2). Vanaf niveau 4 gaat het om een gevangenisstraf van meer dan vijf jaar.
Feiten van vóór 1 september 2026
Voor feiten van vóór 1 september 2026 blijven de straffen van de oude drugswet gelden, tenzij de nieuwe regeling voor u gunstiger is. De rechter past dan de mildste strafwet toe (artikel 2 Strafwetboek). Welke regeling in uw dossier het mildst is, moet per tenlastelegging worden vergeleken.
Drugsbezit voor eigen gebruik
Het bezit van een kleine hoeveelheid cannabis door een meerderjarige, zonder verzwarende omstandigheden of openbare overlast, krijgt in het vervolgingsbeleid van het openbaar ministerie de laagste prioriteit. In de praktijk volgt vaak een registratie, een seponering of een minnelijke schikking. Dat beleid is geen recht, verschilt per parket en geldt in de regel niet voor andere drugs.
Het parket kan ook kiezen voor een alternatieve afhandeling, zoals een bemiddeling in strafzaken of een doorverwijzing naar de hulpverlening. Stelt het parket een minnelijke schikking voor, laat dan vooraf nagaan wat de gevolgen zijn en of een verweer zinvoller is. Lees meer over de minnelijke schikking in strafzaken.
“Eigen gebruik” is bovendien een feitenkwestie. De hoeveelheid, de verpakking, een weegschaal, contant geld en berichten op uw gsm bepalen mee of het parket uitgaat van gebruik of van verkoop.
Van gebruiker tot dealer: de kwalificatie
Het verschil tussen een gebruiker, iemand die af en toe aan vrienden doorverkoopt, en een structurele verkoper bepaalt de strafmaat grotendeels. Het parket bouwt dat vaak op met onrechtstreekse aanwijzingen: telefoongegevens, observaties, verklaringen van kopers en financiële stromen. De verdediging toetst elk van die elementen: wat bewijzen ze werkelijk, en welke alternatieve verklaring is er?
Ook het bezit zelf moet bewezen worden. Worden drugs aangetroffen in een gedeelde woning of wagen, dan staat niet vast dat elke bewoner of inzittende ze bezat. Het openbaar ministerie moet aantonen dat u van de drugs wist en erover kon beschikken.
De procedure: vaak het eerste verweer
Drugsdossiers steunen vaak op ingrijpende onderzoeksmaatregelen, zoals een huiszoeking, een fouillering, het uitlezen van een gsm of het afluisteren van telefoons. Die maatregelen zijn aan strikte voorwaarden gebonden. Lees meer over de huiszoeking en over uw rechten bij een verhoor.
Onregelmatig verkregen bewijs wordt niet automatisch geweerd. Dat gebeurt wanneer een vormvoorschrift op straffe van nietigheid werd geschonden, de betrouwbaarheid van het bewijs is aangetast of het recht op een eerlijk proces in het gedrang komt (artikel 32 Voorafgaande Titel Wetboek van strafvordering). Een grondige lezing van het strafdossier is daarom onmisbaar.
Verbeurdverklaring van geld en goederen
Bij een veroordeling kan de rechter de drugs, de gebruikte middelen en de vermogensvoordelen verbeurd verklaren: contant geld, een voertuig en zelfs vastgoed. Onder strikte voorwaarden is ook een verruimde verbeurdverklaring mogelijk, die verder reikt dan de voordelen uit de bewezen feiten zelf (artikel 54 Strafwetboek). Dat financiële luik verdient een eigen verweer, zeker wanneer de goederen een legale oorsprong hebben of aan derden toebehoren.
Vaak worden geld en goederen al tijdens het onderzoek in beslag genomen. Tegen dat beslag kunt u een verzoek tot opheffing indienen bij het parket of de onderzoeksrechter.
Strafmaat en mildere straffen
Ook in ernstiger dossiers maakt de persoonlijke situatie het verschil. Een begeleiding of behandeling, werk of opleiding en een gestructureerd leven maken een probatiestraf, een werkstraf of uitstel realistischer. Uitstel is mogelijk bij straffen die niveau 3 niet te boven gaan (artikel 65 Strafwetboek).
Ook de opschorting van de uitspraak blijft mogelijk; daarvoor is uw instemming vereist (artikel 64 Strafwetboek). Voor een werkstraf geeft u uw instemming in persoon of via uw advocaat (artikel 45 Strafwetboek). Tijdens het onderzoek kunnen zulke inspanningen bovendien een vrijlating onder voorwaarden ondersteunen, in plaats van een voorlopige hechtenis.
Drugs in het verkeer
Rijden onder invloed van drugs is een afzonderlijk verkeersmisdrijf (artikel 37bis Wegverkeerswet), met een eigen regeling voor het rijverbod en het verval van het recht tot sturen. Voor feiten vanaf 1 september 2026 is dat een misdrijf van niveau 1, met een geldboete van 2.000 tot 20.000 euro of een andere straf van dat niveau. Een wet van 25 mei 2026 brengt ook ketamine onder dat artikel, maar die wijziging treedt pas in werking op een datum die de Koning bepaalt.
Lees meer over een positieve speekseltest. Loopt er tegelijk een strafdossier voor bezit, dan moeten beide luiken op elkaar worden afgestemd.
Veelgestelde vragen
Mijn gsm werd in beslag genomen. Mogen ze die uitlezen?
Onder wettelijke voorwaarden wel. Het doorzoeken van een gsm is aan eigen regels gebonden (artikel 39bis Wetboek van strafvordering), en de regelmatigheid ervan kan worden getoetst. Laat dat nagaan voor u verklaringen aflegt.
Riskeer ik als gebruiker een strafblad?
In beginsel alleen bij een veroordeling. Een seponering, een minnelijke schikking of een opschorting leidt niet tot een vermelding op het gewone uittreksel uit het strafregister. Tijdig handelen loont: lees ook hoe u uw strafblad kunt opschonen.
Kan ik in de gevangenis belanden voor een eerste drugsfeit?
Bij een klein bezit voor eigen gebruik is dat uitzonderlijk. Bij verkoop of grotere hoeveelheden bestaat het risico wel, zeker bij een voorlopige hechtenis tijdens het onderzoek. Een goede voorbereiding van het eerste verhoor en van de verschijning voor de onderzoeksrechter is dan essentieel.
Hoe lang mag de politie mij vasthouden?
Een aanhouding duurt ten hoogste 48 uur (artikel 12 Grondwet). Binnen die termijn wordt u vrijgelaten of voor de onderzoeksrechter geleid, die beslist of hij een aanhoudingsbevel uitvaardigt. Vóór het eerste verhoor hebt u recht op een vertrouwelijk overleg met een advocaat, en tijdens het verhoor op zijn bijstand.
Novex Advocaten staat u bij
Wij verdedigen u in drugsdossiers vanaf het eerste verhoor tot de uitspraak, met aandacht voor de procedure, het bewijs, de verbeurdverklaring en de strafmaat. Discreet, snel bereikbaar en in het Nederlands, het Frans, het Engels of het Arabisch.
Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be.
Meer over onze aanpak: advocaat drugs in het verkeer.
Bronnen
- Wet van 29 februari 2024 tot invoering van boek I van het Strafwetboek, Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Wetboek van Strafvordering, geconsolideerde tekst op Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Hoven en Rechtbanken: de rechtbank van eerste aanleg (geraadpleegd op 24 september 2026)
Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 4 oktober 2026. Meer over het kantoor