Een klant, huurder of contractpartner gaat failliet en uw factuur blijft onbetaald. Veel schuldeisers leggen zich daar meteen bij neer, vaak ten onrechte. Wie tijdig zijn schuldvordering indient bij het faillissement en zijn zekerheden correct inroept, vergroot zijn kans op een volledige of gedeeltelijke recuperatie aanzienlijk. Dit artikel legt stap voor stap uit wat u als schuldeiser kunt doen.
Het faillissement wordt uitgesproken door de ondernemingsrechtbank en is geregeld in boek XX van het Wetboek van economisch recht. De rechtbank stelt een curator aan, die de activa van de gefailleerde te gelde maakt en de opbrengst onder de schuldeisers verdeelt. Als schuldeiser hebt u vooral met die curator te maken.
Stap 1: uw schuldvordering indienen via Regsol
De aangifte van uw schuldvordering gebeurt elektronisch via Regsol, het Centraal Register Solvabiliteit. Voeg de bewijsstukken toe: contracten, bestelbonnen, facturen, aanmaningen en eventuele vonnissen. Vermeld ook uitdrukkelijk uw voorrechten of zekerheden, zoals een pand of een eigendomsvoorbehoud.
Het faillissementsvonnis bepaalt de termijn waarbinnen u aangifte moet doen; die termijn bedraagt ten hoogste dertig dagen na het vonnis. Een uittreksel van het vonnis wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en de curator licht in de regel de gekende schuldeisers in. Wacht echter niet op die brief: controleer zelf de termijn en dien tijdig en volledig in.
Een laattijdige aangifte is nog mogelijk, maar in de regel uiterlijk één jaar na het faillissementsvonnis (artikel XX.165 Wetboek van economisch recht); daarna vervalt uw recht om aan de uitdelingen deel te nemen. Wie laattijdig aangifte doet, kan bovendien niet meer meedelen in de uitdelingen die al hebben plaatsgevonden.
Stap 2: ken uw rang
Niet alle schuldeisers zijn gelijk. Grosso modo gelden de volgende categorieën:
- schuldeisers met een zakelijke zekerheid op een bepaald goed, zoals een hypotheek of een pand, en schuldeisers met een bijzonder voorrecht;
- schuldeisers met een algemeen voorrecht, zoals werknemers voor bepaalde loonvorderingen, de RSZ en de fiscus;
- gewone schuldeisers, die in samenloop een evenredig deel krijgen van wat overblijft.
Los van die rangorde worden de boedelschulden, zoals de kosten van de curator en de schulden die hij voor rekening van de boedel aangaat, in beginsel betaald vóór de schuldeisers met een algemeen voorrecht en de gewone schuldeisers. Voor die laatsten blijft daardoor vaak weinig over. Uw contractuele instrumenten, zoals een eigendomsvoorbehoud, een pand of een borgstelling, bepalen dus rechtstreeks wat u recupereert.
Stap 3: activeer uw zekerheden en alternatieven
- Eigendomsvoorbehoud: werd schriftelijk, uiterlijk bij de levering, overeengekomen dat u eigenaar blijft tot de volledige betaling, dan kunt u de geleverde goederen die nog in natura bij de gefailleerde aanwezig zijn terugvorderen. Doe dat tijdig: de terugvordering moet in de regel gebeuren vóór de neerlegging van het eerste proces-verbaal van verificatie van de schuldvorderingen.
- Pand: een pand op lichamelijke roerende goederen, zoals voorraad of machines, is in beginsel enkel tegenwerpelijk aan de curator als het werd ingeschreven in het nationaal pandregister of als u het goed in uw bezit kreeg.
- Borgstelling: stond de zaakvoerder of een derde persoonlijk borg, dan spreekt u die rechtstreeks aan, buiten het faillissement om, binnen de grenzen van de borgakte. Een consument die kosteloos borg stond, kan de rechtbank vragen om geheel of gedeeltelijk van zijn verbintenis te worden bevrijd wanneer die kennelijk niet in verhouding staat tot zijn inkomsten en vermogen.
- Schuldvergelijking: hebt u zelf nog een schuld tegenover de gefailleerde, dan is schuldvergelijking na het faillissement slechts onder strikte voorwaarden mogelijk, bijvoorbeeld bij nauw samenhangende schulden uit dezelfde overeenkomst.
Beroept u zich op een eigendomsvoorbehoud, neem dan meteen contact op met de curator, zodat uw goederen niet samen met de rest van de voorraad worden verkocht.
Stap 4: volg de verificatie op
De curator onderzoekt elke aangifte en aanvaardt of betwist ze, geheel of gedeeltelijk. Zijn beslissingen worden opgenomen in een proces-verbaal van verificatie, dat in Regsol wordt neergelegd.
Betwist de curator uw vordering of uw voorrecht, dan kunt u uw standpunt verdedigen en kan de zaak voor de ondernemingsrechtbank worden gebracht. Let daarbij op de korte termijnen. Wie zijn dossier opvolgt, wordt bij de uitdelingen niet vergeten.
Lopende contracten met de gefailleerde
Het faillissement maakt niet automatisch een einde aan de lopende overeenkomsten. De curator beslist of hij een contract verder uitvoert. Als medecontractant kunt u hem aanmanen om daarover binnen vijftien dagen een beslissing te nemen (artikel XX.139 Wetboek van economisch recht).
Kiest de curator voor de verdere uitvoering, dan worden de prestaties die u na het faillissement levert als boedelschulden betaald, dus vóór de gewone schuldeisers. Zet de curator de overeenkomst niet voort, dan kunt u uw schade als schuldvordering in het faillissement indienen. Blijf dus niet zomaar leveren zonder duidelijk akkoord van de curator.
Bent u verhuurder van de gefailleerde?
De verhuurder beschikt onder voorwaarden over een bijzonder voorrecht op de roerende goederen die zich in het verhuurde pand bevinden. Meld dat voorrecht uitdrukkelijk in uw aangifte. De curator kan de huurovereenkomst beëindigen; de huur die na het faillissement verschuldigd is zolang de curator het pand gebruikt, is in beginsel een boedelschuld. De huurachterstal van vóór het faillissement neemt u op in uw aangifte van schuldvordering.
Opgelet: betalingen kort vóór het faillissement
Werd u kort vóór het faillissement nog betaald, dan kan de curator die betaling in bepaalde gevallen aanvechten. De rechtbank kan het tijdstip van de staking van betaling in de regel tot zes maanden vóór het faillissementsvonnis terugleggen. De periode tussen die datum en het vonnis heet de verdachte periode.
Betalingen van niet-vervallen schulden of betalingen op een ongebruikelijke wijze in die verdachte periode zijn in beginsel niet tegenwerpelijk aan de boedel. Andere betalingen kunnen dat zijn als de schuldeiser op de hoogte was van de staking van betaling. Moet u een bedrag terugstorten, dan kunt u in beginsel uw vordering alsnog in het faillissement indienen. Laat een dergelijke vordering van de curator steeds nakijken.
Fouten van de bestuurders
Verloor u geld door een fout van de bestuurders van de failliete vennootschap, bijvoorbeeld omdat zij een reddeloze activiteit voortzetten en nog bestellingen plaatsten, dan kan een aansprakelijkheidsvordering worden overwogen. De curator stelt zulke vorderingen meestal in voor alle schuldeisers samen; wat hij recupereert, verhoogt de uitdelingen. Een schuldeiser die persoonlijke schade lijdt, kan onder voorwaarden ook zelf optreden.
Veelgestelde vragen
Kan ik nog beslag leggen op de goederen van de gefailleerde?
Neen. Na het faillissementsvonnis kunnen gewone schuldeisers in beginsel geen individueel beslag meer leggen op de goederen van de boedel. Zij moeten hun rechten uitoefenen via de aangifte in het faillissement.
Wanneer ontvang ik iets?
Pas na de verkoop van de activa en de verificatie van de schuldvorderingen, vaak na geruime tijd. Schuldeisers met een zekerheid worden eerst betaald; voor gewone schuldeisers blijft er soms weinig of niets over.
Mijn factuur is beperkt. Loont een aangifte dan?
De elektronische aangifte is relatief eenvoudig. Met een eigendomsvoorbehoud, een voorrecht of een borg loont ze vrijwel altijd. Zonder die instrumenten hangt het af van het beschikbare actief; de curator kan u daarover inlichten.
Krijg ik de btw terug op mijn onbetaalde facturen?
Onder voorwaarden kunt u de btw op een onbetaalde factuur recupereren, namelijk zodra vaststaat dat de vordering geheel of gedeeltelijk verloren is; bij een faillissement van de klant ontstaat dat recht op de datum van het faillissementsvonnis (artikel 77, § 1, 7° Btw-Wetboek). Stem dit af met uw boekhouder.
Mijn debiteur is een eenmanszaak: kan hij van zijn schulden worden bevrijd?
Ja, een gefailleerde natuurlijke persoon kan kwijtschelding van zijn restschulden verkrijgen. Wordt die toegestaan, dan kunt u het onbetaalde saldo in beginsel niet meer op hem verhalen. Een schuldeiser kan onder voorwaarden de weigering van de kwijtschelding vorderen; laat dat tijdig nakijken. Meer daarover leest u in ons artikel over kwijtschelding van schulden na faillissement.
Novex Advocaten staat u bij
Wij dienen uw aangifte in, roepen uw zekerheden in, volgen de verificatie op en spreken borgen en bestuurders aan waar dat mogelijk is. Lees ook ons artikel over het invorderen van onbetaalde facturen en over bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement.
Bel 0484 99 22 72 of mail asfour@novexadvocaten.be: hoe sneller u handelt, hoe meer u recupereert.
Meer over onze aanpak: advocaat ondernemingsrecht en invorderingen in Brussel.
Bronnen
- Wetboek van vennootschappen en verenigingen, geconsolideerde tekst op Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Wetboek van economisch recht, geconsolideerde tekst op Justel (geraadpleegd op 24 september 2026)
- Hoven en Rechtbanken: de ondernemingsrechtbank (geraadpleegd op 24 september 2026)
Geschreven door Mr. Mohamed Asfour, advocaat te Brussel (Novex Advocaten). Laatst bijgewerkt: 10 oktober 2026. Meer over het kantoor